Geldt het productpaspoort ook voor kleine bedrijven?
Ja, ook kleine bedrijven vallen eronder — met ondersteuning vanuit artikel 22
Het productpaspoort geldt in beginsel voor elk bedrijf dat een product uit een aangewezen categorie op de EU-markt zet, ongeacht de omvang van dat bedrijf. Er is geen algemene vrijstelling voor kleine bedrijven in de zin dat zij buiten de regeling vallen. Wel erkent de ESPR dat kleinere bedrijven minder capaciteit hebben om aan nieuwe verplichtingen te voldoen, en daarom regelt artikel 22 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) dat er specifiek voor kleine en middelgrote bedrijven ondersteuning komt. Het gaat dus niet om een uitzondering op de verplichting zelf, maar om hulp bij het nakomen ervan.
Voor wie dit geldt, en wat er wel verschilt
De verplichting om een digitaal productpaspoort te voeren, is gekoppeld aan het product en de productcategorie, niet aan de grootte van de onderneming die het op de markt brengt. Een importeur van witgoed of ICT-apparatuur met een klein team krijgt dus in principe met dezelfde eisen te maken als een grote fabrikant, zodra de productcategorie waarin hij handelt is aangewezen. Wat wél verschilt, is de begeleiding: artikel 22 verplicht tot maatregelen die specifiek op kleine en middelgrote bedrijven zijn gericht, zodat zij niet met dezelfde middelen als een multinational hoeven te werken om aan de eisen te voldoen. Dit onderscheid — geen vrijstelling, wel ondersteuning — is precies waar in de praktijk vaak verwarring over ontstaat. Een klein bedrijf dat hoopt dat het paspoort aan hen voorbijgaat omdat ze weinig producten importeren, komt bedrogen uit; een klein bedrijf dat zoekt naar praktische hulp om het wél te regelen, zit met artikel 22 aan het juiste adres.
De termijn: nog niet vastgesteld per productcategorie
Wanneer de verplichting voor een specifieke productcategorie precies ingaat, staat nog niet vast. De ESPR werkt met gedelegeerde handelingen per productgroep, en voor elektronica en ICT-apparatuur zijn die handelingen op dit moment nog niet gepubliceerd. Zodra dat wel gebeurt, staat daarin ook de datum waarop de verplichting voor die categorie ingaat. Tot die tijd geldt er voor deze productgroepen nog geen paspoortplicht, en is er ook nog geen concrete datum te noemen voor de ondersteuningsmaatregelen uit artikel 22 die daarbij horen. Wat wel vaststaat: de wetgever heeft de ondersteuning van kleinere bedrijven als vast onderdeel in de verordening opgenomen, dus die komt mee zodra een productcategorie wordt aangewezen — niet als losse, optionele toevoeging achteraf.
Wat dit voor u betekent: stappen
Voor een klein bedrijf dat elektronica of ICT-apparatuur importeert of produceert, is het verstandig om de zaak in deze volgorde te bekijken. Eerst: nagaan of het eigen product binnen een categorie valt waarvoor al een gedelegeerde handeling is gepubliceerd of in voorbereiding is — zonder die handeling is er nog geen concrete verplichting om op te reageren. Vervolgens: in de gaten houden welke ondersteuning er vanuit artikel 22 wordt opgezet, bijvoorbeeld in de vorm van praktische richtlijnen, tools of financiële regelingen voor kleinere bedrijven; die informatie komt normaliter naar buiten zodra de uitvoering van een productcategorie concreet wordt. Daarna: alvast nagaan welke productgegevens er intern beschikbaar zijn (materialen, herkomst, reparatie-informatie), want dat is doorgaans de basis van een paspoort, ongeacht de bedrijfsgrootte. Tot slot: er geen vanuit gaan dat kleine schaal automatisch tot vrijstelling leidt — dat uitgangspunt klopt niet met de tekst van de verordening, en het risico is dat een bedrijf pas laat begint terwijl grotere spelers in dezelfde categorie al voorbereid zijn.
De onderbouwing: artikel 22 van de ESPR
Deze uitleg volgt uit artikel 22 van Verordening (EU) 2024/1781, dat specifiek gaat over kleine en middelgrote bedrijven binnen het kader van de ecodesignverordening. Dat artikel regelt ondersteuning voor deze categorie bedrijven, wat er impliciet op wijst dat de onderliggende verplichtingen — waaronder het productpaspoort — ook voor hen gelden; anders zou ondersteuning bij het nakomen ervan geen onderwerp zijn. Voor de precieze inhoud van die ondersteuningsmaatregelen en voor de datum waarop een specifieke productcategorie onder de paspoortplicht valt, is de officiële tekst van de verordening en de bijbehorende gedelegeerde handeling de bron om te raadplegen.
Wie nu al wil voorsorteren, kan het beste de eigen productcategorie in de gaten houden en de eigen productgegevens op orde brengen, zodat het invullen van een paspoort geen vertraging oplevert zodra de verplichting voor die categorie ingaat.
Waar dit op gebaseerd is
De verordening zelf staat op EUR-Lex. Wij verwijzen per bewering; u hoeft ons niet te geloven.
Wat u concreet moet doen
Wat er van u wordt verwacht
Artikel 22 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) gaat specifiek over kleine en middelgrote bedrijven. De kern daarvan is dat de verplichtingen uit de ESPR in principe ook voor kleine bedrijven gelden — er is geen algehele vrijstelling voor bedrijven onder een bepaalde omvang. Wat artikel 22 wél regelt, is dat er aandacht is voor de positie van kleinere marktdeelnemers, bijvoorbeeld in de vorm van ondersteunende maatregelen. Dat is een andere insteek dan "u hoeft niets te doen als u klein bent". Voor een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers betekent dit een aantal dingen.
De verplichting tot een productpaspoort geldt in beginsel ook voor u
Of een productpaspoort verplicht wordt, hangt af van de productcategorie waarin een bedrijf actief is en van de gedelegeerde handeling die daarvoor is vastgesteld — niet van het aantal medewerkers of de omzet. Een bedrijf dat elektronica importeert of op de markt brengt die onder een deelcategorie valt waarvoor een paspoort verplicht is, krijgt daarmee te maken, ongeacht de bedrijfsgrootte. Wat dit voor een specifiek apparaat concreet inhoudt, staat beschreven op de pagina over welke producten van de elektronicabranche onder de ESPR vallen. Praktisch betekent dit dat het geen zin heeft om te wachten tot er duidelijkheid is over "uitzonderingen voor het MKB" — die algemene uitzondering staat niet in de tekst.
Ondersteunende maatregelen kunnen de last verlichten, maar vervangen de verplichting niet
Artikel 22 verwijst naar maatregelen die de Commissie en lidstaten kunnen nemen om kleine en middelgrote bedrijven te ondersteunen bij het voldoen aan de eisen. Denk aan begeleiding, informatievoorziening of andere vormen van ondersteuning. Voor een bedrijf met 10 tot 100 medewerkers is het praktische gevolg dat er mogelijk hulpmiddelen beschikbaar komen, maar dat de inhoudelijke verplichting — een correct en actueel paspoort voor de betreffende productcategorie — daarmee niet vervalt. Het is dus geen kwestie van "wachten op vrijstelling", maar van "voorbereiden, met de wetenschap dat er ondersteuning kan zijn".
De timing van verplichtingen loopt via gedelegeerde handelingen, niet via bedrijfsgrootte
Wanneer een productpaspoort precies verplicht wordt voor een bepaalde categorie elektronica, staat niet in de ESPR zelf maar wordt per deelcategorie vastgelegd in een gedelegeerde handeling. Hoe dat proces werkt en waarom dat bepaalt wat een bedrijf moet doen, staat uitgelegd op de pagina over wat een gedelegeerde handeling is. Voor een kleiner bedrijf betekent dit dat de planning van de eigen voorbereiding niet gekoppeld is aan de eigen omvang, maar aan de categorie waarin het product valt en aan de datum die voor die categorie wordt vastgesteld. Een overzicht van wat daarover al bekend is, staat op de pagina over wanneer het productpaspoort verplicht wordt.
De inhoud van het paspoort verandert niet omdat een bedrijf klein is
De gegevens die in een paspoort moeten komen, worden bepaald door de productcategorie en de bijbehorende gedelegeerde handeling — niet door het aantal medewerkers van de partij die het paspoort laat opstellen. Een kleiner bedrijf dat elektronica op de markt brengt, krijgt dus in beginsel met dezelfde reeks gegevens te maken als een groot bedrijf in dezelfde categorie. Wat daarin precies wordt gevraagd, staat beschreven op de pagina over welke gegevens in het paspoort van elektronica komen.
Waar het misgaat in de praktijk
Een aantal situaties komt geregeld terug bij kleinere bedrijven die zich hierop voorbereiden.
Aanname dat "klein" gelijk staat aan "vrijgesteld". Er wordt nogal eens verondersteld dat een bedrijf met een handvol medewerkers automatisch buiten de reikwijdte van de ESPR valt. Artikel 22 gaat over ondersteuning, niet over vrijstelling, en dat verschil wordt in de praktijk regelmatig verward.
Wachten op duidelijkheid die er nog niet is. Omdat gedelegeerde handelingen per deelcategorie nog moeten volgen, stellen sommige bedrijven de voorbereiding volledig uit. Dat is begrijpelijk gezien de onzekerheid over data, maar het risico is dat er weinig tijd overblijft zodra een handeling wél gepubliceerd wordt.
Onderschatting van de eigen rol in de keten. Een klein bedrijf dat producten importeert of onder eigen merk verkoopt, wordt daarmee de partij die verantwoordelijk is voor het paspoort — ook als de eigenlijke fabricage elders gebeurt. Deze rolverdeling wordt soms over het hoofd gezien, terwijl ze bepalend is voor wie de gegevens moet aanleveren.
Geen onderscheid maken tussen batterijverplichtingen en apparaatverplichtingen. Bij apparaten met een ingebouwde batterij ontstaat verwarring over welke regels precies gelden en of er dan met meerdere paspoorten gewerkt moet worden. Dat vraagstuk staat afzonderlijk toegelicht op de pagina over een apparaat met een batterij erin.
Onvoldoende zicht op wat wel en niet gedeeld moet worden. Vooral kleinere leveranciers maken zich zorgen dat een paspoort bedrijfsgevoelige informatie openbaar maakt. Die zorg is op zichzelf terecht om te onderzoeken, maar wordt niet altijd concreet gemaakt aan de hand van de regels die daarover bestaan.
Wat u kunt vastleggen
- Een overzicht van de productcategorieën waarin het eigen assortiment valt, met een koppeling naar de status van de gedelegeerde handeling per categorie.
- Een interne notitie over de rol die het bedrijf in de keten vervult (fabrikant, importeur, distributeur) per productlijn, omdat deze rol bepaalt wie voor het paspoort verantwoordelijk is.
- Een inventarisatie van welke gegevens al beschikbaar zijn bij leveranciers of fabrikanten in het buitenland, en welke gegevens zelf verzameld moeten worden.
- Een overzicht van eventuele ondersteunende regelingen of hulpmiddelen die beschikbaar komen voor kleinere bedrijven, zodat daarvan gebruikgemaakt kan worden zodra ze gepubliceerd zijn.
- Afspraken met toeleveranciers over het aanleveren van productgegevens, vooral wanneer onderdelen zoals een batterij van een andere partij komen.
- Een dossier met de afwegingen rond bedrijfsgevoelige gegevens, zodat bij twijfel duidelijk is welke informatie wel en niet in het paspoort terechtkomt — zie ook de toelichting over bedrijfsgevoelige gegevens.
Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.
Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-08-22. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.