elektropas.com

ik heb meerdere leveranciers voor hetzelfde onderdeel hoe werkt dat met het paspoort

Per leverancier kan het paspoort verschillen

Als hetzelfde onderdeel bij meerdere leveranciers wordt ingekocht, hoort daar in de regel niet automatisch één en hetzelfde paspoort bij. Een digitaal productpaspoort beschrijft een specifiek product zoals dat door een specifieke fabrikant of importeur op de markt is gebracht, met de gegevens die die partij heeft aangeleverd. Twee leveranciers die "hetzelfde" onderdeel leveren, leveren in de praktijk vaak net iets andere producten: andere fabrikant, andere fabricagelocatie, andere samenstelling of andere batch. Elk van die varianten heeft in beginsel zijn eigen paspoort nodig, gebaseerd op de gegevens van de partij die dat specifieke product op de markt heeft gebracht.

Wat hier wel en niet onder valt

Dit onderwerp speelt vooral bij inkopers en samenstellers die een onderdeel — een batterij, een module, een component — bij verschillende toeleveranciers betrekken om leveringsrisico's te spreiden of prijzen te vergelijken. Het gaat hier om de vraag hoe het paspoort omgaat met die praktijk, niet om de vraag of het paspoort verplicht is voor het eindproduct: dat laatste hangt af van de productcategorie en het moment waarop de verplichting voor die categorie ingaat, zoals beschreven in of het productpaspoort geldt voor uw elektronica.

Belangrijk is het onderscheid tussen twee situaties die op het eerste gezicht hetzelfde lijken. Eén: het onderdeel zelf moet een eigen paspoort hebben, omdat het als zelfstandig product op de markt wordt gebracht en onder een verplichte categorie valt. Dan geldt voor elke leverancier van dat onderdeel dat die zijn eigen paspoort aanlevert, en verschillen tussen leveranciers zijn dan gewoon verschillen tussen producten. Twee: het onderdeel is een component in een groter eindproduct, en de vraag is welke gegevens over dat onderdeel in het paspoort van het eindproduct terechtkomen. Dan is niet het onderdeel de eenheid van het paspoort, maar het samengestelde eindproduct — en is de rol van de onderdelenleverancier vergelijkbaar met die van een toeleverancier verderop in de keten, zoals ook beschreven bij de vraag of een onderaannemer paspoortgegevens moet aanleveren. Dit stuk gaat niet in op de vraag welke gegevens precies nodig zijn — dat staat beschreven bij de gegevens die bij een leverancier van elektronica worden opgevraagd.

Nog geen vaste datum, wel een vaste route

Wanneer deze verplichting concreet ingaat, staat nog niet vast. Het digitale productpaspoort voor elektronica en ICT-apparatuur komt per deelcategorie, via gedelegeerde handelingen die volgens het ESPR-werkplan 2025-2030 vanaf 2027 worden verwacht. Zolang voor een deelcategorie nog geen gedelegeerde handeling is gepubliceerd, geldt er voor die categorie ook nog geen paspoortplicht — en dus ook nog geen concrete verplichting over hoe met meerdere leveranciers van hetzelfde onderdeel wordt omgegaan. Wat al wel vaststaat, is het kader uit de ESPR zelf: artikel 10 van Verordening (EU) 2024/1781 beschrijft de vereisten waaraan een paspoort moet voldoen, en artikel 38 beschrijft welke verplichtingen actoren in de toeleveringsketen — waaronder leveranciers van onderdelen — daarbij hebben. Zodra voor een deelcategorie een gedelegeerde handeling is gepubliceerd, staat de precieze datum en de precieze invulling hier vermeld. Meer over hoe die gedelegeerde handelingen werken staat bij wat een gedelegeerde handeling is en waarom die bepalend is, en de bredere tijdlijn staat bij wanneer het paspoort verplicht wordt voor elektronica.

Hoe dit in de praktijk wordt aangepakt

De eerste stap is uitzoeken of het onderdeel zelf een zelfstandig paspoortplichtig product is, of dat het puur als component in een eindproduct wordt verwerkt. Dat bepaalt namelijk wie welk paspoort maakt. Is het onderdeel zelfstandig paspoortplichtig, dan levert elke leverancier voor zijn eigen versie van het onderdeel zijn eigen gegevens aan, en komt er per leverancier — en soms per fabricagelocatie of batch — een apart paspoort. Wordt het onderdeel verwerkt in een eindproduct, dan is de vervolgstap: van elke leverancier de gegevens opvragen die nodig zijn om het paspoort van het eindproduct compleet te maken, en die gegevens per leverancier apart bijhouden, ook als de onderdelen functioneel identiek lijken. Praktisch betekent dit vaak dat bij het wisselen van leverancier, of bij het gelijktijdig gebruiken van meerdere leveranciers voor dezelfde positie in de productielijn, het paspoort van het eindproduct meebeweegt met wie welk onderdeel heeft geleverd — vergelijkbaar met de situatie waarin de samenstelling van een product per batch verschilt, zoals behandeld bij hoe het paspoort wordt ingevuld als een product per batch wisselt. Het is daarom verstandig om bij de inkoop van meerdere leveranciers voor hetzelfde onderdeel vooraf vast te leggen wie welke gegevens levert en op welk moment, iets dat goed past bij de afspraken die toch al in een inkoopcontract worden vastgelegd, zie hoe de levering van paspoortgegevens in een inkoopcontract wordt vastgelegd. Wie de gegevens eenmaal binnen heeft, doet er goed aan die te toetsen op consistentie tussen leveranciers, zoals beschreven bij het controleren van gegevens van een leverancier op juistheid.

De wettelijke basis: artikelen 10, 29 en 38 ESPR

Dat een paspoort gekoppeld is aan een specifiek product zoals dat door een specifieke marktdeelnemer op de markt is gebracht, volgt uit artikel 10 van Verordening (EU) 2024/1781, dat de inhoudelijke vereisten voor het digitale productpaspoort beschrijft. De verplichtingen van actoren die eerder in de toeleveringsketen zitten — zoals leveranciers van onderdelen — om de nodige gegevens beschikbaar te stellen, staan in artikel 38 van die verordening. Voor onderdelen of producten die van buiten de EU worden ingevoerd, gelden daarnaast de verplichtingen voor importeurs uit artikel 29, wat relevant wordt zodra een van de leveranciers buiten de EU is gevestigd; dat raakt aan het onderwerp dat wordt behandeld bij wat het productpaspoort betekent bij invoer van buiten de Europese Unie.

Wie nu al met meerdere leveranciers voor hetzelfde onderdeel werkt, kan er goed aan doen om per leverancier te documenteren welke gegevens beschikbaar zijn en welke nog ontbreken, zodat dat werk al klaarligt zodra de gedelegeerde handeling voor de betreffende deelcategorie wordt gepubliceerd.

Wat u concreet moet doen

Wat er van u wordt verwacht

Wanneer hetzelfde onderdeel bij meerdere leveranciers wordt ingekocht, verandert er in de kern niets aan de verplichtingen zelf — maar de uitvoering wordt wel omslachtiger. Het paspoort beschrijft een product zoals het daadwerkelijk in elkaar gezet is, en als dat product per levering een ander onderdeel van een andere leverancier bevat, moet dat verschil ergens terug te zien zijn.

Elke leverancier levert zijn eigen gegevens

Artikel 38 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) legt vast dat actoren in de toeleveringsketen de gegevens verstrekken die nodig zijn om aan de productpaspoortverplichtingen te voldoen. Dat geldt voor iedere leverancier afzonderlijk, ongeacht of er één of vijf partijen hetzelfde onderdeel leveren. Voor een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers betekent dit in de praktijk dat de inkoopafdeling niet één keer een gegevensset opvraagt en die daarna hergebruikt, maar per leverancier moet nagaan of de aangeleverde informatie klopt voor precies dat onderdeel dat die leverancier levert. Twee leveranciers van "hetzelfde" onderdeel kunnen andere materialen, een andere herkomst of andere reparatie-eigenschappen hebben, en dat verschil is relevant voor het paspoort. Welke gegevens dat precies zijn, staat beschreven op de pagina over welke gegevens u bij uw leverancier van elektronica opvraagt.

Het paspoort moet bij het product passen

Artikel 10 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) beschrijft de vereisten waaraan het digitale productpaspoort moet voldoen, waaronder dat de informatie in het paspoort overeenkomt met het product waarbij het paspoort hoort. Als een onderdeel wisselt per levering — omdat de ene keer leverancier A en de andere keer leverancier B is gebruikt — dan is de vraag hoe het paspoort dat verschil verwerkt. Voor een productiebedrijf betekent dit dat er vooraf een keuze gemaakt moet worden: wordt er per leverancier een variant van het paspoort aangemaakt, of wordt er gewerkt met een bandbreedte die beide leveranciers dekt. Deze vraag speelt sterk overeen met de situatie waarin een product per batch verschilt, beschreven op de pagina mijn product wisselt per batch, hoe vul ik dan het paspoort in.

Bij invoer van buiten de EU ligt de verantwoordelijkheid nog directer bij u

Artikel 29 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) beschrijft de verplichtingen van importeurs, waaronder de zorg dat het product vergezeld gaat van het vereiste digitale productpaspoort. Wanneer een van de meerdere leveranciers buiten de EU zit, komt de verantwoordelijkheid voor de juistheid van de gegevens sterker bij de importeur zelf te liggen dan wanneer alle leveranciers binnen de EU actief zijn. Dat onderscheid staat verder uitgewerkt op de pagina over wat het productpaspoort betekent bij invoer van buiten de Europese Unie.

Waar het misgaat in de praktijk

Eén paspoort voor twee verschillende onderdelen. Een inkoper vraagt bij de eerste leverancier gegevens op, stelt daarmee het paspoort samen, en gebruikt dat paspoort vervolgens ook voor leveringen van een tweede leverancier zonder te controleren of de onderliggende materialen of eigenschappen identiek zijn.

Leveranciers die niet weten dat ze concurrent-gegevens "matchen" moeten. Elke leverancier levert zijn eigen technische fiche aan, maar niemand bij het inkopende bedrijf vergelijkt die fiches. Kleine afwijkingen in bijvoorbeeld gewicht of samenstelling blijven zo onopgemerkt.

Alternatieve leverancier bij leveringsproblemen, zonder paspoort-check. Als de vaste leverancier niet kan leveren, wordt snel overgeschakeld naar een tweede bron om de productie door te laten lopen — de paspoortgegevens van die tweede leverancier worden dan achteraf, of helemaal niet, gecontroleerd.

Onduidelijkheid over wie waarvoor aansprakelijk is. Bij twee leveranciers van hetzelfde onderdeel is niet altijd vastgelegd wie verantwoordelijk is als een van beide onjuiste gegevens levert. Dat gebrek aan afspraken wordt zichtbaar zodra er iets misgaat, en niet eerder.

Contracten die alleen op de hoofdleverancier zijn toegesneden. Het inkoopcontract met de eerste, grootste leverancier bevat wel afspraken over paspoortgegevens, maar het contract met de tweede of derde leverancier — vaak kleiner qua volume — is daar nooit op aangepast.

Wat u kunt vastleggen

  • Een overzicht per onderdeel van welke leveranciers dat onderdeel leveren, inclusief de datum waarop van elke leverancier gegevens zijn opgevraagd en ontvangen.
  • Een vergelijking tussen de technische gegevens van de verschillende leveranciers van hetzelfde onderdeel, zodat afwijkingen die voor het paspoort relevant zijn zichtbaar worden. Hoe die controle op juistheid eruit kan zien, staat beschreven op de pagina hoe u de gegevens van uw leverancier controleert op juistheid.
  • Afspraken in het inkoopcontract met iedere leverancier afzonderlijk over de levering van paspoortgegevens, ook als het om een kleinere, tweede of derde leverancier gaat. Een sjabloon daarvoor staat op de pagina hoe u de levering van paspoortgegevens vastlegt in uw inkoopcontract.
  • Een vaste werkwijze voor het moment waarop van leverancier wordt gewisseld: welke gegevens er dan opnieuw gecontroleerd worden, en wie daarvoor verantwoordelijk is.
  • Een dossier per leverancier met de ontvangen documentatie, zodat bij een controle aangetoond kan worden welke gegevens van welke leverancier zijn gebruikt voor welk paspoort.
  • Een vastgelegde procedure voor de situatie dat een leverancier de gevraagde gegevens niet, of niet op tijd, aanlevert — relevant bij meerdere leveranciers omdat het uitvalrisico van één partij dan minder groot is, maar de aanpak per geval nog steeds vastgelegd moet worden. Zie hiervoor de pagina wat u kunt doen als uw leverancier de gegevens niet levert.

Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.

Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-09-05. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.